Paddenstoelen kweken met kinderen: wat werkt en wat teleurstelt
Share
Een kweekset op de keukentafel is een van de weinige dingen die een kind van zes en een puber van veertien allebei boeiend vinden. Iets wat 's ochtends groter is dan gisteravond, dat wint het van bijna elk ander natuurproject. Maar niet elke soort en niet elke aanpak werkt met kinderen, en de teleurstellingen zijn voorspelbaar. Dit is wat wij zien werken.
Welke kweekset werkt het beste met kinderen?
De roze oesterzwam, zonder concurrentie. Hij is felroze, groeit binnen een week van speldenknop tot waaier, verdubbelt zichtbaar per dag en wil de warme kamer waar kinderen toch al zijn. Een kind ziet elke ochtend verschil, en dat is precies wat de aandacht vasthoudt. De gewone oesterzwam is de tweede keus: iets minder spectaculair van kleur, maar net zo snel en makkelijker in een koelere ruimte. Voor een schoolproject van twee weken zijn dit de twee die op tijd klaar zijn.
Wat teleurstelt?
Alles wat wachten vraagt. Een geënte stam in de tuin is voor een volwassene een mooi geduldproject, voor een kind is anderhalf jaar hetzelfde als nooit. Doe stammen gerust, maar verkoop het thuis niet als "ons project", want tegen de tijd dat er iets gebeurt is het kind het vergeten. Ook trage soorten als reishi en eikhaas horen niet bij een eerste kinderproject. En een blok dat in een donkere kast wordt gezet "omdat paddenstoelen van donker houden" geeft lange stelen en teleurgestelde gezichten; licht en frisse lucht, zoals altijd.
Hoe maak je er een project van?
- Laat het kind de baas zijn over de plantenspuit. Twee keer per dag sproeien is een taak met een zichtbaar resultaat, en het geeft eigenaarschap. Een plantenspuit met de naam van het kind erop doet wonderen.
- Meet en teken. Een liniaal langs de grootste hoed, elke dag op hetzelfde tijdstip, en de uitkomst in een schriftje of op een strook papier aan de muur. Kinderen die de getallen zelf opschrijven, willen de volgende dag weten of het klopt.
- Foto's op een vaste plek. Dezelfde hoek, dezelfde afstand, elke dag een foto. Na twee weken heb je een filmpje dat op school of bij opa en oma altijd indruk maakt.
- Laat ze oogsten. Draaien en trekken aan de basis kan een kind van vijf al. Dat moment, met een hele waaier in twee handen, is waar het om gaat.
Is het veilig?
Ja. Een kweekset bevat één soort, die je zelf gekozen hebt en die eetbaar is. Er is geen verwarring mogelijk zoals bij paddenstoelen uit het bos, en dat maakt de set juist een goede gelegenheid om het gesprek over wilde paddenstoelen te voeren: deze mogen we eten omdat we precies weten wat het is, die in het park raken we niet aan. Twee praktische regels: handen wassen na het sproeien en aanraken, gewoon omdat het een levend ding is, en oesterzwammen oogsten voordat ze te oud worden. Een overrijpe oesterzwam laat een wolkje sporen los, en hoewel dat voor de meeste mensen onschuldig is, willen kinderen met astma daar liever niet met hun neus boven hangen. Jong oogsten lost dat op en is bovendien lekkerder.
En het eten?
Dit is het moment waarop het project slaagt of mislukt. Een kind dat zijn eigen paddenstoel heeft zien groeien, eet hem vaak op, ook als het thuis normaal een moeilijke eter is. Bak de oogst samen, krokant en met een beetje zout, zoals in ons bakstuk, en zet hem als "de paddenstoelen van Sam" op tafel. Een roze oesterzwam verliest bij het bakken zijn kleur en krijgt een smaak die aan ham doet denken; dat vertellen kinderen elkaar op school door.
Wat na de eerste set?
Als de tweede vlucht op is, is het project klaar en heeft het kind iets afgemaakt. Wie doorwil, kan de gewone oesterzwam als volgende stap in een emmer met stro doen: dat is rommeliger, duurt langer en vraagt meer uitleg, maar het laat zien hoe het "echt" werkt. En wie een tuin heeft, kan met een blauwplaatstropharia-bed iets aanleggen dat de zomer erna ineens reusachtige paddenstoelen tussen de groenten laat verschijnen. Dat is wachten, maar wachten met een verrassing aan het eind.