De warmste zomer sinds 1901: wat hij met je kweekstammen deed, en wat je nu nog kunt redden

Het KNMI heeft het inmiddels officieel gemaakt: de zomer van 2026 was met een gemiddelde temperatuur van 19,3 graden de warmste sinds het begin van de metingen in 1901, met landelijk 776 uur zon tegen 641 normaal, en op slechts drie dagen ergens in het land meer dan 50 millimeter regen. Het neerslagtekort stond eind augustus rond de 285 millimeter, ruim tweeënhalf keer het normale, en in het zuiden en westen boven de 300. Voor wie in de zomer op een terras zat was dat mooi. Voor wie stammen in de tuin heeft liggen, was het drie maanden ademhalen. Dit is wat die zomer met kweekstammen doet, hoe je nu ziet wat er van jouw stammen over is, en wat je in september nog kunt doen.

Wat doet een zomer als deze met een stam?

Twee dingen tegelijk, en allebei staan ze in ons weerstuk: uitdroging en hitte. Een stam die wekenlang geen regen krijgt, verliest zijn vocht van buiten naar binnen, en het mycelium dat vlak onder de schors zit, sterft daar als eerste af. Een stam die daarbij in de zon ligt, wordt van binnen warmer dan de dertig graden waar de meeste van onze soorten stilvallen. De combinatie is de slechtste die er is. Stammen die dit voorjaar zijn geënt, hadden het het zwaarst: hun mycelium zat nog ondiep en had nog geen reserves. Stammen van twee jaar of ouder, met een netwerk diep in het hout, hebben de zomer meestal in de spaarstand uitgezeten.

Zo beoordeel je nu je stammen

Neem een middag, en loop ze een voor een langs. Vier controles, dezelfde als in het stuk over een stam die niets doet, maar nu met de zomer als verdachte.

  • Gewicht. Til de stam op. Voelt hij veel lichter dan bij het enten, dan is hij uitgedroogd. Dat is te herstellen, zie hieronder.
  • Kopse kanten. Wit mycelium op de kopse kant is goed nieuws; het netwerk leeft. Grijs, hard en zonder wit: onbeslist. Zwarte strepen of vreemde schimmelplekken: de concurrentie heeft toegeslagen.
  • Pluggen. Peuter een plug los. Wit en vast: leeft. Grijs en verschrompeld in een droog gat: dood, en als de meeste zo zijn, is de stam het waarschijnlijk ook.
  • Schors. Zit de schors nog strak, dan is het hout binnenin waarschijnlijk nog in orde. Laat hij los in lappen, dan is de stam te ver heen.

Uitgedroogd maar levend: zo herstel je

Onderdompelen, langer dan je denkt. Een stam die een hele zomer heeft gedroogd, neemt in een nacht niet genoeg op. Leg hem 24 tot 48 uur in een bak, kuip of sloot met een gewicht erop, of zet een druppelende slang twee dagen op de stapel. Leg de stammen daarna in de schaduw met een kant op de grond, en dek ze af met een dikke laag bladeren of houtsnippers. Herhaal het onderdompelen na twee weken als het droog blijft. Het mycelium dat dieper in het hout zat, groeit vaak binnen een maand weer naar buiten, en dat zie je aan verse witte plekjes op de kopse kanten. Een vlucht dit najaar is dan niet uitgesloten, maar reken vooral op volgend voorjaar.

Wat we in de kwekerij hebben gezien

Hetzelfde als iedereen, met één verschil: onze stammen liggen dicht op elkaar in de schaduw en zijn de hele zomer onder een laag snippers gehouden, en die zijn er bijna allemaal goed doorgekomen. De bleke oesterzwam, onze zomersoort, heeft in juli zelfs een vlucht gegeven waar de gewone oesterzwam ernaast niets deed. De snipperbedden hadden het het zwaarst: een bed dat niet wekelijks water kreeg, is in juli stilgevallen, en de beste bedden zijn die onder een dichte beplanting. Kweeksets binnen deden wat we in het zomerstuk voorspelden: de roze en gele oesterzwam floreerden, de rest wachtte in de koelkast.

En als een stam het niet heeft gehaald?

Dan is september de maand om dat te accepteren en vooruit te kijken. Een stam die dood is, is brandhout of bodembedekking. Het goede nieuws is dat de kalender je helpt: de snoeimaanden komen eraan, vers hout komt vrij, en in februari kun je opnieuw enten, zoals in de kapkalender. Wie een stam kwijt is, heeft in elk geval geleerd waar de schaduw in zijn tuin echt zit, en dat is precies de kennis die de volgende stam nodig heeft.

Wat we anders gaan doen

Als zomers als deze de nieuwe norm worden, en het KNMI zegt dat dit beeld past bij het veranderende klimaat, dan verschuift het kweken buiten. Meer stammen half ingegraven in plaats van los gelegd. Meer bedekking met snippers en bladeren, het hele jaar. Meer bleke oesterzwam en minder gewone op stammen die in de zon kunnen komen. En eerder in het seizoen water geven, niet pas als de stam licht aanvoelt. Dat zijn geen grote veranderingen, maar het zijn de veranderingen die dit jaar het verschil maakten tussen een stam die leeft en een die niet meer leeft.

Twijfel je over een stam? Foto van de kopse kanten en een plug naar ons, dan kijken we mee. Deze weken zijn we daar druk mee, en dat is prima: het is precies waar een kwekerij voor is.

Terug naar blog